Waarvan Akte

Werk
17 november 2021

Trillende hand als bevestiging

Mevrouw De V. is een alleenstaande, levenslustige dame met een uitgebreid sociaal netwerk, een zorgzame dochter en kleinkinderen waar ze helemaal verliefd op is. Maar aan haar actieve leven komt een einde als ze onverwacht wordt getroffen door een zware hersenbloeding. Van het ene op het andere moment kan ze niets meer. Niet bewegen, niet praten, niet communiceren. Omdat ze niet meer zelfstandig kan wonen, verhuist ze naar een verpleeghuis.

Daar tref ik haar in haar rolstoel. Ze zit onbeweeglijk en lijkt me niet eens op te merken. “Mamma, hier is de notaris”, zegt haar dochter, die is meegekomen. “Hij is om te praten over de kleinkinderen. Je weet wel, waar we het laatst over hebben gehad.”

Als ze het woord ‘kleinkinderen’ hoort, gebeurt er iets met mevrouw de V. Haar ogen lichten op, haar hand begint te trillen. “Mijn moeder kan niet communiceren, maar met haar verstand is niets mis”, heeft haar dochter verteld. “Ze ziet, hoort, merkt en weet alles.”

Haar dochter heeft me gevraagd of ik haar kan helpen om een oude wens van mevrouw De V. te vervullen. Mevrouw De V., die niet onbemiddeld is, wilde altijd dat haar vier kleinkinderen na haar overlijden een deel van haar nalatenschap zouden krijgen. Daarmee zou ze niet alleen haar liefde voor haar kleinkinderen uitdrukken, maar ook het erfdeel van haar dochter verkleinen waardoor die minder erfbelasting zou moeten betalen. Maar voor ze dat voornemen kon uitvoeren, kreeg ze het herseninfarct.

Aan mij de taak om te beoordelen of mevrouw De V. in haar huidige toestand geestelijk in staat is om een testament op te stellen. Om mij een goed oordeel te kunnen vormen heb ik een collega meegenomen die meekijkt en heb ik telefonisch overlegd met haar arts. Die bevestigt het oordeel van de dochter: mevrouw De V. is volledig bij haar verstand.

De dochter stuur ik weg, een testament opstellen is een privézaak. Ik leg mevrouw De V. mijn vragen en conclusies voor en zij reageert met haar trillende hand. Het kost tijd en moeite en soms moet ik een vraag herhalen of interpreteer ik een antwoord verkeerd. Maar uiteindelijk heb ik haar wensen op papier.

Als ik mijn notities voorlees, bevestigt haar trillende hand dat het zo goed is. Ook mijn collega komt tot die conclusie: zo wil ze het. Als het ontwerptestament klaar is, reis ik weer naar het verpleeghuis en lees het voor. Haar hand trilt ter bevestiging: zo is het goed.

Ondertekenen kan ze het testament niet, maar daarin voorziet de wet. In voorkomende gevallen mag ik voor haar tekenen. Ik doe het met plezier, in de wetenschap dat ik heb kunnen helpen haar langgekoesterde wens te vervullen.

 

Naar homepage